
De gluurder van mijn moeder staat niet buiten maar in de bijkeuken. Het grootste deel van zijn leven gaat hij schuil achter een gordijn, dat daar neergehangen is om wasgoed en andere troep aan het oog te onttrekken. Veel is er dus niet te zien voor deze gluurder, maar mijn moeder wil het graag zo omdat ze niet wil dat hij buiten natregent of gepikt wordt.