
Toen er eind jaren zeven-tig van de vorige eeuw weer een krantje uit-kwam van de jaarlijkse Sútelaksje voor het Friese boek nam ik de boektitels en de namen van de auteurs zorgvuldig door en besloot ongehinderd door voorkennis, min of meer gevoelsmatig, tot de aanschaf van Fabryk van Trinus Riemersma. Op het Franse Pleintje in Drachten werd een exemplaar van het door mij uitverkoren boek (dat ik zojuist met enige moeite terugvond op de onderste plank van een boekenkast op de rommelkamer) door de auteur gesigneerd op 13 oktober 1979, overigens zonder dat ik zag hoe dat gebeurde, omdat de mevrouw aan wie ik het boek vroeg na mijn vraag wegrende en hysterisch schreeuwend: ''Trinus, Trinus, wer is Trinus?" tussen de kramen en de mensen verdween. Hawar toen mij gisteren, bijna dertig jaar later, een andere titel van Riemersma: Jest yn 'e Ardinnen als kopje voor het voorgaande bericht te binnen schoot, besloot ik impusief om mijn herstfoto aan Riemersma aan te bieden om desgewenst te gebruiken voor de omslag van een mogelijk tweede druk van het gelijknamige boek, maar hedenochtend lag zijn reactie al in mijn mailbox: "Paul, In moaie foto, mar dy twadde printinge sil der nea komme. Trinus" Nu begrijp ik het nut van emoticons want ik had geen idee welke gemoedstoestand in het bericht doorklonk (berusting, frustratie, teleurstelling, of misschien zelfs wel neerslachtigheid.) Schrijver zijn in Friesland zal wel geen pretje zijn, maar veel tijd om daar bij stil te staan had ik niet, daarvoor had ik het te druk met het aanelkaar lijmen van de brokstukken van een man wiens carriere als boekomslagontwerper in de knop gebroken was.