Jelke heeft zijn zakgeld (één hele euro) voor de allereerste keer in z'n leven geïnvesteerd in een (vijfde) staatslot. Zijn verwachtingen waren hooggespannen (volgens zijn meest pessimistische scenario zou hij na de trekking een Lego-trein van honderdveertig euro kunnen kopen, maar waarschijnlijker leek het hem dat hij met het prijzengeld heel Lego City in één keer zou kunnen aanschaffen.) Op zulke momenten blijkt het leven een keiharde leerschool, en dan vooral voor mij. Want Jelke's staatslot bleek na de trekking nog gewoon één euro zeventig waard te zijn (voor meneer dus nog altijd een winst van zeventig eurocent) maar ik schoot er - alsof het allemaal niets is - keihard één euro negentig bij in, het bedrag dat ik had moeten bijleggen om de aanschaf van een 'vijfje' met jackpot mogelijk te maken. En dan zijn er ook nog mensen die durven te beweren dat de jeugd van tegenwoordig het niet gemakkelijk heeft.