12 augustus 2008

men neme


Kamperen is terug naar de natuur, the survival of the fittest, kortom onvervaard de strijd met de elementen aan gaan. Gelijk op de eerste dag al neem je dus een kort maar krachtig aanloopje en middels twee opstapjes weet je zonder een slijmbeursontsteking in je knie op te lopen het inwendige van je caravan te bereiken en daar haal je acht voorverpakte pannekoeken uit het koelkastje. Maar dan verschijnen de eerste onweerswolken aan de horizon want je moet vuur zien te maken. Echter ook deze hindernis neem je, zij het met enige moeite; want je weet zo gauw niet in welke broekzak je de aansteker hebt gestopt, nagenoeg probleemloos. Een Camping Gaz brandertje en een koekenpan met anti-aanbaklaag doen de rest. Niets staat nu het verhitten van de pannekoek nog in de weg. Jelke maakt een gezicht op zijn pannekoek en je neemt er zelf een met kaas en onmiddellijk na het nemen van de eerste hap verdwijnt alle twijfel; je allereerste pannekoek met kaas op de camping smaakt onmiskenbaar naar triomf. En omdat triomf altijd smaakt naar meer, mik je nog een kant en klaar pannekoekje in het anti-aanbak koekenpannetje en je voelt dat je leeft, dat je op de eerste dag van de vakantie al één begint te worden met de natuur, dat je al bezig bent te versmelten. Nu snel de parasol gekanteld in de richting van de hoogzwangere overbuurvrouw want weldra zal de eerste overwinningstraan zijn weg langs je ongeschoren wang zoeken en zich als een dauwdruppel neervleien op een grassprietje, waarvan er talrijke staan op kampeerplaats 6c; jouw eigenste plekje voor de komende drie weken, en dat nu al een beetje begint te voelen als thuis.